Uitdagingen voor kunst in opdracht

Het doel van de Pilootprojecten Kunst in Opdracht is om vijf grensverleggende kunstprojecten te realiseren in de publieke ruimte en zo bestaande praktijken, samenwerkingsverbanden en (wetgevende) kaders open te breken en te vernieuwen.

 

 

Kunst in opdracht als verbindende en bevragende praktijk

 

De hedendaagse kunstpraktijk is de laatste decennia enorm geëvolueerd en zal dit ook blijven doen. Beeldend kunstenaars bedienen zich van zeer diverse media, maken in hun artistieke praktijk cross-overs met andere disciplines en domeinen en wisselen kennis en ervaring uit.

 

Het potentieel van deze diversiteit aan benaderingen in de hedendaagse kunst wordt niet altijd ten volle aangeboord bij een kunstproject in opdracht. Nochtans gaat kunst in opdracht, en meer specifiek kunst in de publieke ruimte, bij uitstek over wisselwerkingen en het samenbrengen van disciplines en actoren (opdrachtgever, ontwerper, kunstenaar, bemiddelaar, eigenaar, administraties, gebruikers, experten, publiek, …). Kunst in de publieke ruimte heeft ook raakvlakken met andere domeinen zoals architectuur, landschap, stadsvernieuwing en -ontwikkeling, toerisme, citymarketing, ecologie, erfgoed, infrastructuur, mobiliteit, vorming, participatie, … Cultuur wordt zo niet louter gedefinieerd als een afzonderlijk op zich staand domein, maar doorheen de inbedding via kunst in opdracht ligt een kans om zich te verweven met andere maatschappelijke domeinen.

 

Met de Pilootprojecten Kunst in Opdracht ‘Meer dan object’ willen we de grenzen opzoeken van al deze wisselwerkingen en opdrachtgevers uitdagen tot sterke projectvoorstellen.

 

Maatschappelijke rol en culturele verantwoordelijkheid

van de opdrachtgever

 

De opdrachten van de 21ste eeuw zijn van belang voor de creatie en zichtbaarheid van kunst en voor de verspreiding ervan in een brede culturele context. Vandaag kunnen wij hiervoor beroep doen op gevestigde waarden en jong talent, op nationaal en internationaal gerenommeerde kunstenaars. Veel meer dan het traditionele opdrachtgeverschap van de eerder persoonsgebonden cultus van staatshoofden of naties, gaat kunst in opdracht vandaag om de impact van kunst op de omgeving en de beschouwer of gebruiker.

 

Kunst in opdracht kan in die zin het profiel, de beeldvorming, het engagement of onderscheidingsvermogen van een opdrachtgever verrijken. De visie en motieven die zijn vervat in het kader van een opdracht kunnen los van een klassieke ‘kunstintegratie’ zowel de opdrachtgever als de kunstenaar uitdagen en doen nadenken over hun maatschappelijke rol en culturele verantwoordelijkheid. De visie en het engagement van de opdrachtgever zijn cruciaal voor het slagen van een kunstopdracht. Daarbij zullen het vermogen om los te komen van het instrumentele en het aangaan van een onbevangen dialoog een belangrijke graadmeter vormen om te komen tot artistieke kwaliteit.

 

Een nieuwe plaats en rol voor de kunstenaar in deze context van

verbinding en cross-over

 

Voor de kunstenaar is traditioneel zijn/haar autonomie een belangrijk gegeven. In een groeiende cross-over van kunstenaars met andere disciplines, ruimtes, toeschouwers, institutionele kaders en allerlei maatschappelijke fenomenen krijgt die autonomie evenwel een andere betekenis. De kunstenaar maakt vandaag veel meer dan vroeger deel uit van dit netwerk. Autonomie betekent niet zozeer dat de kunstenaar alleen denkt en handelt, maar dat hij/ zij ruimte krijgt om de toeschouwer mee te nemen in zijn/ haar verbeeldingswereld.

 

In een publieke opdrachtsituatie is het een van de uitdagingen om een nieuwe invulling te geven aan die autonomie, met andere woorden aan de specifieke rol en positie van de kunstenaar in een heterogene context met diverse andere actoren. De kunstenaar wordt immers steeds geconfronteerd met een hele set aan randvoorwaarden binnen kunst in opdracht: een opdrachtgever met een specifieke missie, een vooropgestelde context, een publiek van gebruikers, … Bovendien is de (semi)publieke ruimte vandaag een veel complexer gegeven dan voorheen, door allerlei partijen die haar gebruiken en overheden die reglementerend optreden.

 

In sommige gevallen staat de complexiteit van de opdrachtsituatie een doorgedreven artistieke benadering in de weg, wat zich weerspiegelt in een kwalitatief onderscheid tussen de gerealiseerde kunstopdrachten en de meer autonome productie in het oeuvre van een kunstenaar. Daar tegenover staat echter dat nieuwe artistieke praktijken van kunstenaars die zich engageren en verbinden met de publieke ruimte, net kansen bieden om aan de rol en de autonomie van de kunstenaar nieuwe betekenissen te geven. Ook bij deze nieuwe praktijken blijft het instrumentaliseren van de inbreng van een kunstenaar een belangrijk aandachtspunt.

 

Kunst in de publieke ruimte

 

Kunst en publieke ruimte komen van oudsher met elkaar in aanraking. De publieke ruimte verandert echter voortdurend. Om die veranderingen te kunnen duiden, zijn zowel de fysieke als de sociale en culturele aspecten van de publieke ruimte van belang. Kunstenaars kunnen via een alternatieve blik op de werkelijkheid meehelpen een beter inzicht te krijgen in de hedendaagse en cultureel bepaalde structuren, eigenheid, beperkingen en mogelijkheden van het openbare en publieke domein in Vlaanderen.

 

Verschillende aspecten van het omgaan met de publieke ruimte vanuit artistiek oogpunt kunnen hierbij als aanzet dienen: publieke ruimte als sociale ruimte, als podium voor artistieke interventies, als onderwerp van een artistieke praktijk, als consumptiegoed, als representatieruimte,… In de interactie tussen het artistiek ingrijpen, een opdrachtgever en het publiek ontstaat een interessant maar complex spanningsveld. Met het exploreren van de opdrachtsituatie vanuit het thema ‘Meer dan object’, kan het belang van ongebondenheid en vrijheid voor de mens en de publieke ruimte waarvan hij gebruik maakt onderstreept worden. De pilootprojecten kunnen met andere woorden ook een bijdrage leveren aan de notie van openbaarheid en de gradaties in openbaarheid, van privaat over semipubliek naar publiek, of het belang en de ervaring hiervan voor het publiek domein een draagvlak geven.